Archive for the ‘Natuur’ Category

Ouwe wijven zomer

Posted: December 12, 2016 in Natuur
De heenweg over de Mijzerdijk

De heenweg over de Mijzerdijk

Zaterdag 19 november loop ik door de Mijzerpolder naar Schermerhorn om via dat dorp en de Schermerdijk weer terug te keren naar huis. Het is mijn meest favoriete rondje de laatste tijd. Een wandeling van vijf kwartier en als ik het op mijn heupen heb, enige minuten korter. Op de heenweg zie ik links zo’n beetje alle weide- en watervogels van Nederland en ben ik – omdat ik onderdijks loop – enigszins beschut tegen de meest uit zuidwestelijke richtingen waaiende polderwind. Terug heb ik dan het windje mee en kijk ik links uit over de Schermer, voorheen met een e extra (Schermeer), naar grommende tractoren en bezige boeren. Maar wat ik die zaterdag meemaak, moet ik even aan jullie vertellen. Het is zo’n beetje drie graden boven nul, het heeft ’s nachts gevroren, maar het zonnetje doet naarstig haar best, het is vandaag windstil en uitermate mooi wandelweer. Op de Mijzerdijk gekomen wordt ik bijna gelijk geconfronteerd met in de lucht zwevende draden, die langzaam mijn pad kruisen. Lange zilverkleurige draden, die min of meer oplichten door de zon en soms zelfs mijn gezicht raken. Voelt wat kleverig aan en doen denken aan ‘gewone’ spinraggen. Ik tel er in korte tijd wel meer dan 25. Thuisgekomen (na een uur en een kwartier) eerst maar eens de biologieboeken ingedoken om dit natuurverschijnsel te ontrafelen. En ja hoor, het is een bekend fenomeen. In Oostenrijk wordt het de ‘Altweibersommer’ genoemd, vrij vertaald de ‘Ouwe Wijven Zomer’, die af en toe ook wordt aangeduid als het vijfde seizoen. Het is ’s nachts dan al behoorlijk koud, maar overdag voelt het nog zomers aan. Kleine in het najaar geboren spinnetjes laten zich door de luchtstroom (wind kun je het niet noemen) meevoeren naar een hopelijk beschutte plek om te overwinteren. Niet alleen in Oostenrijk maar ook hier bestaan er allerlei sagen en mythen die de draden moeten verklaren. Er worden heksen met harige wratten, trollen en zwevende bosfeeën uit de kast gehaald. Maar het woord ‘weiben’ schijnt in het Oudduits ook gewoon ‘weven’ te betekenen en houden wij het dus maar gewoon op zwevende spinnendraden. Thuisgekomen eerst maar eens twee minieme spinnetjes uit mijn haar gehaald. Of die deze winter zullen overleven valt nog maar te bezien.

En de terugweg via de Schermerdijk

En de terugweg via de Schermerdijk

Nico

Doorzettertje

Posted: October 1, 2016 in Natuur

dscn5767Begin van de zomer hebben we wat zonnebloemzaadjes in een potje vertroeteld en opgekweekt. Toen ze plantrijp waren hebben we ze in de tuin uitgezet. Een stuk of tien. Dat was géén succes. Plantje na plantje verschrompelde. Op één exemplaar na. Daar kwamen zelfs nieuwe frisse blaadjes aan, maar dat was niet van lange duur. Slijmsporen lieten zien dat de jonge zonnebloemblaadjes een traktatie vormden voor één of meerdere slakken. De stiekeme vreetfestijnen vonden (en vinden!) ’s nachts plaats, want overdag zien we nooit een slak. En omdat wij niet op alle slakken zout leggen, gaan we echt niet ons bed uit om met een schijnwerpertje en een pak Jozozout om drie uur ’s nachts te kijken of we de snoodaards kunnen betrappen. De onderste blaadjes werden dus gereduceerd tot kale nerfjes, maar het plantje gaf niet op. Het produceerde (waarschijnlijk ook mede door onze groene vingers, maar dat terzijde) nieuwe blaadjes, maar ook die vertoonden al snel sporen van vraatzucht. De slakken namen niet eens de moeite om hun sporen uit te wissen, want wederom waren (en zijn) de slijmsporen duidelijk. In het Frans heet een zonnebloem een “tournesol”, van het werkwoord tourner (draaien) en sol (zon). Een zonnebloem keert zich namelijk steeds naar de zon toe. Als je ooit eens een dagje naast een zonnebloemveld in Zuid-Frankrijk je tentje opzet, dan zie je de kopjes van zonsopgang tot zonsondergang meedraaien. Nou is onze zonnebloem geplant op een plek waar de zon niet komt. Tegen een schutting aan de noordzijde van onze landerijen. Daarom hebben we nooit gedacht dat het plantje zou gaan bloeien. Maar op een mooie ochtend tijdens deze Indian Summer zagen we tot onze verbazing dat er kleur komt aan het inmiddels 32 cm hoge, bijna bladloze plantje! Er komt een bloem, een echte zonnebloem! En dat begin oktober. Van de week neem ik een dagje vrij en ga dan op een kruk naast de zonnebloem zitten, om te zien of ie ook de baan van de laagstaande herfstzon volgt. Misschien heeft zo’n bloem wel een fytologisch (basic) instinct, hetgeen door mij word ontdekt! Kan ik daar binnenkort op afstuderen aan de avond-universiteit van Akersloot. Moraal van het verhaal: als je nooit opgeeft, ga je vanzelf bloeien.dscn5853

Nico

Pulder en Mulder

Posted: January 5, 2015 in Natuur

Met z'n tweetjes

Met z’n tweetjes

“Dokter Pulder zaait papavers”, een televisiefilm uit 1975 die nog steeds af en toe op Nostalgienet is te zien. Starring Kees Brusse als dokter Pulder en Ton Lensink als Hans van Inge Liedaerd, zijn aan morfine verslaafde collega. Aan het eind van de film zie je Kees Brusse dansend door een papaver (klaprozen) veld gaan dat hij zelf heeft gezaaid. Pulder zaaide dus papavers en Mulder zaaide… goudsbloemen! Dat gebeurde op 11 juli van het vorige jaar. Een paar jaar daarvoor hadden we goudsbloemen in de tuin, maar het leek wel onkruid. De hele tuin kleurde oranje. Uiteindelijk alles in de groene bak gedeponeerd, maar wel een paar handen met zaad bewaard. In twee busjes zonder afsluiting stond het spul twee of drie jaar in het schuurtje. Ons schuurtje bestaat uit een dun houten wandje dus de temperaturen daar schommelen van minus zoveel in de winter tot plus 30 en méér in de zomer. Kunnen zaadjes daar wel tegen? Geen idee. Maar op de reeds genoemde datum toog ik met de twee busjes zaad naar de “onderdijk”, d.w.z. de Schermerdijk, die de westgrens van Ursem vormt. Daar had men wat losse grond gestort en daarin heb ik toen de vorm van een groot hart aangebracht met een schepje. Zaad in de vore gestrooid en met m’n voeten aangestampt. Regelmatig vanaf de weg een blik in de dijk geworpen, maar er gebeurde ogenschijnlijk niks, nothing, nichts, rien, nada. Totdat we eind december weer eens een “rondje Rustenburg” deden en je gelooft het of niet, een klein oranje bloemetje zagen. Een goudsbloem, ja zelfs twee!! En bij nader inzien waren er duidelijk de curven van de bovenzijde van een hart zichtbaar. Inderdaad (goudsbloem)zaadjes kunnen dus een hoop hebben. En nu zijn we heel nieuwsgierig of er volgend voorjaar echt een compleet oranje hart in de dijk zal liggen. Lijkt me toch een leuke entree van ons dorp als je vanaf de Ursemmerweg de witte brug over Ursem inrijdt.
Effe goed kijken!

Effe goed kijken!

Nico

Deksel(s) op Texel

Posted: November 24, 2014 in Natuur

Het strand Max-imaal schoon

Het strand Max-imaal schoon

Het is 22 november en Piet Paulusma zegt dat het 12 graden wordt en droog blijft. We zitten aan het eind van de herfst, maar het lijkt op een verlengde Indian summer. Tot zover zijn thermopane geselende stormen uitgebleven… Dus rijden we tegen de middag met dikke druppels op de voorruit naar Texel. Afke, Kiki, Max en ik. We moeten even wat zaken regelen op het eiland en na een rustige overvaart wandelen we naar de Spinboet (wolwinkel) en rijden we daarna naar het vliegveld. Het is er -mede door het mooie weer/het regent niet op Texel- berendruk. Dus rijden we weer gauw op de Postweg om naar zee te gaan. We hebben twee schepjes mee (groot uitgevallen plastic theelepels) om kuilen te graven. Opa loopt rondjes op het strand met zijn ziel onder zijn arm. Kiki en Max graven en hebben al een kuiltje van zo’n 20 cm diep. Het schiet niet op. Dan merk ik op dat het strand bezaaid ligt met allerlei rotzooi. Er staat een plastic mand tegen een paal en daar gooi ik zo wat flessen en plastic rommel in. Dan zie ik een grote plastic bak met een touw eraan half onder het zand. Nu komen de schepjes goed van pas. Met vereende krachten ontdoen we de “slee” van de lading zand. We slepen het ding achter ons aan een gooien daar alles in wat niet op het strand hoort. Glazen en plastic flessen, een linkerschoen maat 42, veel oranje en groen touw, halve emmers, tubes, limonadebussen, een stuk oordop van een koptelefoon, heel veel plastic zakken, doppen, deksels en zelfs een gloeilamp. Wie flikkert er nou een gloeilamp op het strand? Ja, als ie flikkert kun je ‘m beter weggooien, maar op het strand? We gaan natuurlijk niet de badgasten de schuld geven, maar we weten met z’n allen dat er op zee (schepen en boorplatforms) niet zo nauw wordt gekeken op wat vuilnis. Húp overboord met die troep! Nou, alvorens we aan de rode wijn en fristi zitten bij Paal 21 is er toch mooi een vierkante kilometer strand geschoond. Kijk maar naar de plaatjes…
Met vereende krachten!

Met vereende krachten!


Nico

Burlen

Posted: October 7, 2013 in Natuur
Vroege Vogels

Vroege Vogels

In mijn jeugd mocht ik mee op vakantie met kennissen van mijn ouders. Die hadden zonen van mijn leeftijd en dat waren naast ‘vogelaars’ ook verwoede amateurfotografen. We gingen dan om 5 uur het bed uit om gewapend met verrekijkers en fototoestellen te wachten tot er een boomkruiper dan wel boomklever kon worden gespot. Ik leerde zelfs de verschillen tussen een fitis en een tjiftjaf te benoemen. Mijn plan stond dan ook vast: ik zou boswachter worden. Het is zoals jullie weten allemaal wat anders gelopen. Misschien had het ermee te maken dat ik niet zo’n vroege vogel was en me om 5 uur ’s ochtends altijd zo heerlijk kon omdraaien… Maar afgelopen zondag stond de wekker op 6.00 uur. We waren op bezoek bij een volbloed nicht en haar man in Ellecom (zie Grote Bosch atlas blz. 32-33 F4) aan de rand van de Veluwe om naar het burlen van de herten te gaan luisteren. Dat is het geluid van de mannetjes edelherten in de bronstijd, die van half september tot half oktober duurt. Zij proberen met gewei en geburl de vrouwtjes te imponeren, die in die tijd maar één dag vruchtbaar zijn. Een drukke en uitputtende tijd voor de mannen, die dan ook geen tijd hebben om te eten en sterk vermageren. (Een natuurlijke vijand zou dan ook de wolf zijn, maar er lopen nog geen roedels op de Veluwe…). Gewapend met verrekijkers en fototoestellen op pad. Net als vroeger! Vóór zonsopkomst liepen we door een betoverende wereld naar een uitkijkpost. Overal spinnenwebben in struiken en tussen de bomen, duidelijk te zien door de waterdruppeltjes die de langzaam optrekkende mist had achtergelaten. Paddenstoelen in allerlei vormen en maten. En al heel gauw het burlen van de herten. Langzaam klom de zon omhoog. We waren niet de enigen. Van heinde en ver komen natuurliefhebbers om dit concert en als je geluk hebt ook schouwspel te horen en zien. Wij hadden geluk; op aanwijzingen van een man die daar elke dag (!) staat met gigantisch telekanon zagen we in de verte een hert met groot gewei. Als we langer waren gebleven dan hadden we waarschijnlijk nog meer herten gezien, maar er waren nog meer uitstapjes gepland. Of ik toch niet liever boswachter was geworden? Eh, bos en luchtvaart gaan niet zo erg samen dunkt me. En ik heb toch liever 21.268 ansichtkaarten van vliegtuigen dan van bomen.

Kabouter Spillebeen helaas niet thuis...

Kabouter Spillebeen helaas niet thuis…

Nico