Archive for the ‘Omgeving’ Category

Geheimzinnig kastje

Posted: January 1, 2017 in Omgeving
Interessant?

Interessant?

Op mijn rondje Mijzerdijk, Schermerhorn, Schermerdijk valt mijn oog ineens op een kastje. Het lijkt een aan een paal gemonteerde houten brievenbus, ‘zomaar’ langs de kant van de weg. Weliswaar precies tussen de plekken waar ooit twee achtkante binnenkruiers van de totaal 52 molens stonden, die van het Schermeer de Schermer hebben gemaakt, maar die zijn al voor mijn geboorte tot de grond toe afgebroken. Er woont dus geen kip. Stond dit kastje er al een tijdje, of ben ik er achteloos langs gelopen, zonder het een blik waardig te keuren? Ik word nieuwsgierig en mijn ongebreidelde fantasie gaat (samen met mij) aan de loop. Misschien is het wel een soort postbus waarin Russische spionnen hun microfilmpjes achterlaten, die dan weer worden opgepikt door in regenjassen gehulde Russen in een geblindeerde Lada. Ja, je weet het maar nooit. Ik licht de klep op en zie tot mijn verbazing een etuitje en wat staaldraad. Er komt een auto aan, dus doe ik snel de klep weer dicht. Ik mocht eens worden aangezien voor een rode spion. Een dag later herhaal ik mijn favoriete rondje en licht nogmaals het deksel op. Iemand anders is mij vóór geweest, er ligt bovenop het etuitje, een verrekijker(tje) in het kastje, stevig verankerd aan een staaldraad, die lang genoeg is om het optisch instrument naar manshoogte te brengen. Ik probeer door het apparaat, waarop 10×25 staat, te kijken, maar dat lukt niet. Mijn ogen staan niet dicht genoeg bij elkaar. Waarschijnlijk is hij voor een kind van een jaar of 10 ook te klein en ik snap dus helemaal niet, waarom die kijker daar is opgeborgen. Om kinderen van 4 tot 8 jaar naar de vogels te laten kijken in de haaks op de dijk liggende molensloot? Geen idee! Ik stop de kijker weer keurig in zijn jasje en doe de klep dicht. Vreemd. Weer zie ik in gedachten mannen met grote bontmutsen en borstelige wenkbrauwen iets in en uit het zwarte houten kastje doen of halen. Moet ik de politie verwittigen? De dag daarna wandel ik weer fluitend over de Schermerdijk. Bij het geheimzinnige kastje aangekomen, zie ik dat de deksel met een groot zilverkleurig cijferslot is afgesloten! Nu wordt het helemaal interessant. Wie kent de code van dit slot? Welke geheimzinnige, ondergrondse beweging gebruikt deze bergplaats als hun ontmoetingspunt? Ik moet u het antwoord schuldig blijven, maar mocht u méér informatie hebben, dan houd ik mij ten zeerste aanbevolen.dscn5944

Nico

Een brug…teveel

Posted: March 17, 2014 in Omgeving
Links Mijzen en rechts de Beemster

Links Mijzen en rechts de Beemster

Volgens mij staan er op dit blog zo’n 130 artikeltjes en de eerste (april 2007) ging over ‘een rondje Mijzen’. Een heel oud poldertje (in A.D. 1086 al op de kaart) ingeklemd tussen de dorpen Ursem, Avenhorn en Schermerhorn. Dat rondje is ongeveer 13 kilometer lang en de polder wordt geheel omsloten door de z.g.n. ‘ringsloot’. In de buurt van de dorpen zijn er bruggen waarover je in de Mijzen komt. Dat kan lopend, per fiets of met de auto. Drie bruggen dus. Maar wat zagen wij laatst tijdens een ritje naar Avenhorn? Er zijn bruggen bijgebouwd! Drie stuks nog wel, speciaal voor de wandelaar/fietser. Dus hebben we de stoute schoenen uitgeschopt en de wandelschoenen aangedaan, de auto geparkeerd op de Oostmijzerdijk en zijn we via één van die bruggetjes over de ringsloot op de Beemsterdijk gaan lopen. Een dijk begroeid met gras met riant uitzicht over het voorheen grootste meer in noordelijk Holland dat op 19 mei 1612 droogviel na 5 jaar noeste maalarbeid door 43 molens. Het meer had al eerder droog kunnen vallen, maar in 1610 braken de zuidelijke dijken door tijdens een woeste storm en moest men opnieuw aan de bak. 50 Molens hebben de Beemster 300 jaar lang droog gehouden en al die molens zijn verdwenen. Gesloopt omdat elektrische bemaling en/of dieselmotoren het overnamen. Terug naar de nieuwe bruggetjes: we liepen over de groene dijk tot we bij de verharde ‘Noorddijk’ uitkwamen en het tweede bruggetje (richting Schermerhorn) in zicht kregen, daar zijn we overheen gelopen de Mijzerpolder weer in en zo zijn we aan de andere kant van het water terug naar de auto gelopen. Totaal 50 minuten onderweg. Een leuk rondje dus. Dat straks nóg veel mooier wordt als de tulpen gaan bloeien omdat er in de Beemster grote lappen grond zijn volgestopt met tulpenbollen… Het derde bruggetje ligt op een paar honderd meter van een reeds bestaande brug aan de Walingsdijk tegenover het Zeugenpad en dat snappen we niet zo goed. Je kunt als wandelaar of fietser net zo makkelijk die bestaande brug nemen… Het lijkt ons dus geen brug te ver, maar een brug te dichtbij of nog liever teveel. Makkelijk gemeenschapsgeld of superstunt van één van de lokale politieke partijen? Over twee dagen gaan we weer stemmen…

© Nico

Over de brug naar de Mijzerdijk

Over de brug naar de Mijzerdijk

Haan

Posted: August 1, 2012 in Omgeving

zo zou het moeten zijn

Er is wat vreemds aan de hand. Ik had het meteen in de gaten toen ik laatst Ursem binnenreed. De skyline van het leukste dorp van Noord-Holland is aangetast. Eerst wist ik niet zo goed wat er nou precies aan de hand was, maar al gauw had ik het door. De haan is weg. De kerk is kaal. Het klopt niet meer. En inderdaad na een tweede blik zag ik dat de haan, het kruis en bliksemafleider op de Bavokerk rigoreus zijn verwijderd. Of gestolen. Je hoort van die rare dingen tegenwoordig. Koper is duur en bliksemafleiders zijn geld waard. Of misschien hebben we wel een nachtelijke onweersbui gemist, waarbij de haan met kruis en al naar beneden is gekukeld. Of zouden het dieven zijn geweest die het bladgoud wilden verdonkeremanen? Is natuurlijk ook handel. Gelukkig hebben wij betrouwbare bronnen die we kunnen raadplegen en er is mij verteld dat precies een maand geleden een begin gemaakt is met de renovatie van de kerk. En men is boven begonnen; 36 meter hoog. Dat deed mijn vader ook met de grote schoonmaak. De nok van de vliering was altijd het eerst aan de beurt. Wellicht is het bladgoud van de haan wat afgebladderd en het roestvrij stalen kruis nu vrij roestig. Een opknapbeurt is nooit natuurlijk nooit weg. We zitten er wel een beetje mee, want hoe bepalen we nu de windrichting? Ik heb dat even nageslagen in de boeken van ome Piet Jak. Het kan op drie manieren: 1. Maak je vinger nat en steek ‘m in de lucht. Van de kant die het koudst wordt waait de wind. 2. Gooi een handje gras in de lucht, de wind waait dan uit de tegenovergestelde richting dan waar het gras van jou uit gezien op de grond komt. 3. Bij gebrek aan gras neemt u een handje zand, zie verder onder 2. Dan volgt hier nog een waarschuwing, die op bladzijde 144 staat geschreven:

“Is de haan de torenspits ontvloden?
Extra waakzaamheid is dan geboden!
Komt de wind uit oost of zuid
trek gerust je hemdje uit.
Maar draait ie tussen noord en west,
wapen je met trui en vest.”

’T is maar dat u het weet, tenslotte hebben we weer met een echte Nederlandse zomer te maken.

Nico

maar zo is het nu…

Het karrekietenbestand

Posted: June 12, 2012 in Omgeving

het domein van de karrekiet

Ruim een halve eeuw geleden wilde ik ornitholoog worden. Vogelkundige. Dat kwam na vakanties die ik doorbracht met Leidschendamse vrienden, die ’s morgens om 4 uur het bed uitgingen om vogeltjes te kijken en te fotograferen. Nou vond ik 4 uur wel erg vroeg en het kostte (te) veel moeite om mij uit m’n slaap te halen, zodat de mannen meerdere malen zonder mij op pad gingen. Ook het muisstil op je buik liggen in de vochtige hei om een kuifmees op de gevoelige plaat te krijgen was nou niet mijn idee van vakantie vieren. Let wel, ik zat nog net zo’n beetje voor mijn publiciteitsjaren. Even later besloot ik om dan maar boswachter te worden. Hoe dat is afgelopen kun je het best aan mijn zwager Jan Lindeboom vragen. Mijn glanzende carrière heeft zich dus niet in het bos afgespeeld, maar in eerste instantie tussen de Konijnen en later heb ik ze echt zien vliegen! Toch heeft die vogeltjeskijkerij zijn sporen nagelaten. Naast het opveren bij het geluid van een vliegmachine zie ik ook regelmatig graag onze gevederde vrienden in het weidse Westfriese landschap dartelen en onlangs besloot ik om het karrekietenbestand eens in kaart te brengen. De eerste stap daartoe deed ik met samen met Afke, we wandelden een ‘rondje Schermerhorn’, heen over de Schermerdijk en terug over de Mijzerdijk in precies 1 uur en 20 minuten. Tijdens deze 8 kilometer lange trip was het ge-karre-karre-kiet-kiet-kiet  niet van de lucht. Het zit wel goed met de karrekietenpopulatie. Een weekje later deed ik solo een ‘rondje Avenhorn’, in exact 1 uur en 30 minuten. Kleine rekensom: 9 kilometer, Walingsdijk heen en Mijzerdijk terug. Ook deze tocht langs wuivende rietschoten was een genot voor het oor. (En oog!).  Karrekieten aan alle kanten, zelfs tussen de visclub West-Nederland, die met zo’n 30 leden voor behoorlijk wat geknakt riet zorgden, bleven de beestjes uit volle borst zingen. Omdat ik echter niet heb doorgeleerd voor ornitholoog kan ik jullie niet zeggen of het nu de grote karrekiet of de kleine karrekiet is, die de rietschoten van de  ringsloot rond de polder Mijzen bevolkt. Wat maakt het eigenlijk uit? Ze zitten er met bosjes en hun roep brengt nostalgische gevoelens naar boven. Volgende keer ga ik de veldleeuwerik in de Ursemmer polder in kaart brengen; schijnt bijna uitgestorven te zijn zegt men. Net als de dodo. Gelukkig hebben die jongens uit Leidschendam de foto’s nog…

kleine karrekiet

Nico

Stroomboom

Posted: March 17, 2010 in Omgeving
 

Er wordt nogal eens negatief gedaan over het wonen in een klein dorp. Het woordje “gehucht” of “vlek” valt dan nog wel eens. Mooi dat wij in Ursem vóórlopen. En ik kan je met aan zekerheid grenzende waarschijnlijk vertellen dat wij de enige plaats in Nederland zijn, waar je stroombomen vindt. Zie de verhelderende plaatjes! De techniek schrijdt voort en voor dat we het allemaal door hebben rijden we in elektrische auto’s. De eerste elektrische fietsen zijn er al. Mijn zwager rijdt er zelfs op. Maar als de accu leeg is, dan moet je zelf weer trappen. Daar hebben ze dus in Ursem een oplossing voor gevonden: even naar de snackbar om een patatje ‘vrede’ te kopen (oorlog is ouderwets en we lopen hier vóór weet je wel), je fiets even inpluggen en hup daarna kan je weer tegen wind en zonder te trappen naar huis. Als we straks allemaal in een elektrisch aangedreven autootje rondrijden, dan dient gemak de mens. Op visite bij familie? Stekker in het stopcontact en als je naar huis wilt, dan is de accu weer opgeladen. Voor kampeerders is het ook gemakkelijk. Haarkrultang, broodrooster en elektrische tandenborstel werken nu zo’n beetje overal. Het zal me dan ook niks verbazen als er binnenkort een zes sterren camping wordt geopend aan de Leet. Plek zat en bomen te over.

Maar voorlopig doen wij het nog zonder elektrisch aangedreven auto. We dieselen er lustig op los. Onze grijsgereden Toyota Starlet hebben we inmiddels node aan de kant moeten doen. Bij een beginnende slippende koppeling (debrayatie) en een kilometerstand van 324.200 kilometers (8x een rondje om de wereld en dan nog effe van Ursem naar Teheran) achtten wij het raadzaam om naar een ander vervoermiddel om te zien. We dieselen verder in een Citroën Saxo van het excellente wijnjaar 2003. Slechts 104.000 kilometer op de klok, van een oud vrouwtje, altijd in de hooiberg gestaan en slechts gebruikt om naar de kerk te gaan… (Of kennen jullie die al?) Kleur: geen kleur. (zwart dus en zwart is geen kleur) Schijnt wel erg warm te zijn en worden als de zon er op schijnt. Maar alle raampjes kunnen open (elektrisch!!) en ik kan niet wachten op die zon! Naast een trekhaak op verzoek van mijn echtgenote (voor een fietsenrek) heb ik nu ook een snoertje van ca 3 meter met randgeaarde stekker gemonteerd. Alvast voor de tijd dat de biochemische industrie aangeeft dat de diesel op raakt en de Saxo omgebouwd wordt. Ursem is er als trendsettend dorp klaar voor. Ik ook.

 

Nico

Toilet boven

Posted: November 17, 2009 in Omgeving

 

Het zwak zeurderige seintje dringt langzaam mijn slaapdronken brein binnen. “Ik moet plassen”. Nee, ik wil niet. Eerst nog een keertje draaien. Half slapend-half wakend voeren we nagenoeg onbewust maar exact synchroon een close-formation-turn uit.180 Graden gekanteld en nu in the opposite direction geef ik mezelf weer over aan de zoete slaap en de bizarre ochtenddromen. Totdat ik het punt heb bereikt dat slapen ècht niet meer zal gaan. Voorzichtig klauter ik het bed uit en loop exact 777 centimeter over het kille kliklaminaat naar het toilet. Dáár word je pas echt wakker van; dat koude laminaat. (nee, dat klikken hoor je niet meer) Gelukkig is de weg terug even kort als heen en duik ik als de wiedeweerga weer onder het lokkende dekbed. Licht maak ik niet, de roodgeprojecteerde digitale tijdsaanduiding op het plafond (€ 8,49 bij de Kijkshop, ja van de freebees!) is méér dan genoeg en trouwens ik ken de weg. Ook het hoopje neergekwakte kleren vormt geen obstakel. Dat was vroeger wel anders! Ons toilet bevond zich buiten… Nadat je de woning had verlaten via de achterdeur, stak je een paadje over, opende dan de schuurdeur, alwaar zich in een hoek van het met asbestgolfplaat bedekte dak, een houten toilet bevond. Ik bedoel eigenlijk een met hout omtimmerde gresbuis, die uitkwam in een septic-tank, die dan weer overliep naar de achtergelegen sloot, waar zich dus nooit en te nimmer ijs vormde. Deze onwelriekende sloot werd echter door één van onze neefjes uit de stad liefdevol ‘vijver’ genoemd, maar dat terzijde. Om wandelingen naar buiten echter zoveel mogelijk te beperken, en dat vooral ’s winters (en die hadden wij in het verleden nogal eens te verduren) hadden wij een nachtspiegel boven staan. Een stenen pispot. Nou moest ik vroeger niet zo vaak m’n bed uit, maar in tijd van (hoge) nood was het een uitkomst. De meiden deden graag mee en ’s ochtends was de maat dan ook wel eens vol. Kwalijke geuren werden geweerd door bovenop het witte troontje een (inmiddels leeggegeten en van houtwol ontdane) kartonnen fruitmand te plaatsen. Hoewel ik in mijn jeugd spoorwagons vol aardappelen heb geschild c.q. piepers heb gejast, kan ik mij niet herinneren dat de mij opgelegde huiscorvee zich uitstrekte tot het legen van de op zolder nachtelijks ontstane wateroverlast. Mijn kwalificaties strekten zich uit tot het (ver) onder de bedden stofzuigen, afdrogen, het afhalen van sperciebonen, in de volksmond slabonen genoemd, het verwerken van snijbonen (scheermesjes) in de z.g.n. snijbonenmolen, goed vastgezet aan de keukentafel en de reeds vermelde dunschillerskwaliteiten. Veel andere vrije tijd ging zitten in het boodschappen halen voor de buurvrouw, die te pas en te onpas mijn koeriersdiensten inriep en tegen wie ik eigenlijk geen nee durfde zeggen. (zuiveringszout – stroop- crackfree stijfsel- zakkies blauw enzo) Maar ik dwaal af. Wat ik eigenlijk alleen maar wou zeggen is dat we héél tevreden zijn met het toilet boven. We hebben niet eens meer een echte nachtspiegel met oor in ons sani-assortiment. Oh, ja nog wèl zo’n plastic geval in een poepbruine kleur van toen onze jongens nog klein waren. Komt straks wellicht weer goed van p(l)as.

 

Nico